28 February, 2007

Sonnettepol vs. Sonnettenpol

Te vinden onder: Uncategorized — @ 6:51

In de jaren her, die geketend zijn aan dit jaar en een hoop andere jaren al was het omdat ze slechts eenzelfde stamkroeg als gemene deler hebben, was ik gekend als ‘Sonnettepol’. Vraag maar na bij de anciens van het Antwerpse Zuid die hier tierden tussen 1992 en 1997 toen den boel hier nog nie bekakt was en de Pacific nog bestond. Ik rijmde en ik dichtte erop los en ik goot alles in die 14 regeltjes en in dat strakke rijmschema dat een sonnetje toelaat en verlangt en verdient. Schriftjes vol heb ik er nog van. Ze vangen nu gretig stof op de onderste plank van mijn boekenkast. Sentiment, sediment, verborgen artisterij of gehuil naar de maan wie zal zeggen wat het is of werd.
Na de nieuwe spelling ben ik ‘Sonnettenpol’ geworden maar dan was het schuim allang van het bier. De sonnetterij was zijn glans kwijt: zo’n sonnet vraagt veel werk en biedt slechts bevrediging wanneer het echt goed is: opbouw in orde, basis gelegd, hoogtepunt en besluit, lalala. Ne mens wordt da beu op den duur. Weg met de dwang dus van het rijmschema, weg met de tirannie van het corset! Voortaan zonder rijm zou ik te werk gaan en ik verwelkomde die snelle rommel met open armen. Hah! Dat resulteerde in nog veel meer onzin dan daarvoor want niets behoefde nog nadenken. Ik schreef niet meer ik scheet gedichten. Het ene stonk nog meer dan het andere. Let wel, ik moet zeggen dat er sommige heel mooi gedraaid uitkwamen en die heb ik bewaard. Maar de rest was bagger en beer en verdienden zelfs het gerecycleerde papier niet waarop ze met hanenpoten werden eh, neergepoot of waaraan ze werden afgeveegd.
Dat was jaren geleden. In een vorige eeuw. Sepia. Kruis erover.
Sinds kort (wat is kort in een mensenleven) probeer ik de sonnetterie weer op te nemen, want volgens mij zit het geheim van een goed gedicht toch niet in de vrijheid van zinnen maar in de dwang van woordkeuze waarin je verplicht wordt je te concentreren op wat je wil zeggen. Met woorden smijten kan iedereen, ze in de juiste volgorde smijten volgens bepaalde spelregels is een andere zaak. En da’s de uitdaging. Excuzes aan de onwetenden voor mijn enthousiasme: een sonnet is een van oorsprong Italiaans veertienregelig gedicht met een strak rijmschema dat al bestaat sinds twaalfhonderd-en-zoveel. Zie wikipedia – sonnet voor meer explicatie als ge dat al zoudt willen. Bezie het anders als een taal-sudoku.
Doch soit. Buiten regent het een beetje, het is half zeven des ochtends op woensdag 28 februari 2007 en het meet tien graden Celcius op mijn balkon naar de wereld toe.

Hieronder aldus te genieten of af te schieten, een sonnetje der enige en echte Sonnettenpol van ‘t Zuid, hehe, gesmeed ende gevulcaniseerd naar eer en geweten:

Mijn zwaard is bot en versleten
mijn hart een gapend gat
ik ben moe en uitgestreden
ik heb het allemaal wel gehad.

Het strijdgewoel wil ik vergeten
de verraders die kruisten mijn pad.
Ik heb doen lijden en heb geleden
ik ben het allemaal spuugzat.

Nu ga ik bloemen en plantjes kweken
in mijn gedeukte helm en kapot kuras.
Mijn zwaard zal rozenstekjes dragen.

En na een aanzienlijk aantal weken
zal ik tevreden roken van mijn zelfgekweekte gras
en na een weldoorminde nacht de dag welwillend zien dagen.

Woeha voila! De Sonnettepol is dood, lang leve de Sonnettenpol!
Veertien regeltjes netjes en propertjes afgeleverd, de titel is aan u, astublieft…


reactie (1)


1 reactie »

  1.   Reactie van no3 , op 28 February, 2007 @ 19:23

    Prachtig Pol!

RSS feed voor deze reacties.

Voeg een reactie toe:

Powered by WordPress